Nieuwsarchief

04-11-20 Kramer zegt nu niks, komt nog

Hij mocht weg, maar bleef. De nieuwe trainer benoemde hem tot aanvoerder, terwijl tot op de laatste dag van de transferwindow de clubleiding hem toch echt liever zag vertrekken. De routinier is soms basisspeler en soms reserve. Michiel Kramer (31, foto) beleeft merkwaardige eerste maanden van het seizoen.

Een paar jaar terug zou de spits ervan in de war raken, inmiddels is hij ouder en wijzer. ‘Als ik speel, geef ik alles. Daar is niets aan veranderd’, luidt zijn diplomatieke kijk op de zaken. Anderhalve week geleden, na zijn late gelijkmaker tegen AZ, hulde Kramer zich voor de camera van FOX Sports al in nevelen over zijn situatie. ‘Ik kan daar nu echt niks over zeggen. Dat komt nog wel een keer. Als ik gestopt ben, denk ik.’ Dat de relatie tussen club en speler een deuk heeft opgelopen, is duidelijk. Niet die tussen de trainer en zijn aanvoerder. ‘Natuurlijk maakt die band me trots, maar ik ben er geen andere speler door, hoor. Als je je anders gaat gedragen door een aanvoerdersband, dan ben je gemaakt. Ik doe me nooit anders voor dan dat ik ben.’

Kramer bijt wat vaker op zijn tong, maar richting staf en medespelers laat hij zich gelden. ‘Ik zal altijd mijn mening geven, ook als ik geen aanvoerder ben. Heb ik altijd en overal gedaan. Altijd met de bedoeling het beste uit het team te halen. Wij moeten uiteindelijk als ploeg uitvoeren wat er gevraagd wordt. Mijn rol is nu iets anders dan de jaren daarvoor. Op het veld heb ik altijd wel gecoacht, maar ik moet nu ook jongens helpen. Het gaat met vallen en opstaan, het zijn jonge gasten. Die spelen niet elke week even goed, dat had ik ook op die leeftijd. Wisselvalligheid hoort erbij. Ik heb wel geleerd van de manier waarop oudere spelers mij aanpakten. Mij hoefde je niet constant op de huid te zitten, daar ging ik niet beter van spelen. Gewoon zeggen hoe het is moet, maar niet voortdurend. We moeten het beter gaan doen met z’n allen. In welk systeem maakt me niet uit, het gaat erom hoe je het uitvoert.’