Interview Aad Mansveld in weekblad Goal

Aad Mansveld aanvoeder van koploper ADO.

Een interview van Aad Mansveld als aanvoerder van de koploper van dat moment in de Eredivisie ADO.  Mansveld: Ik nam risico’s, alleen maar om applaus te horen.

Eens was Cor van der Hart Aad Mansveld's  grote voorbeeld. ,,Ik hield een plakboek van hem bij”. Nu staat de ADO-er puur sang zelf in het brandpunt van de defensie, nu lanceert hij zelf met lange en korte passes de (tegen) aanval. Hij is 26 jaar oud, 1.82 meter lang en 82 kilo zwaar- aanvoeder van het team dat de race naar het kampioenschap leidt. Hij is bovendien een kersverse fullprof sinds drie maanden. Hij waagde de stap naar het volledige beroepsvoetbal laat, erg laat. ‘’de kat uit de boom kijken he’”. Er zijn bij ADO vier fullprofs : Ton Thie, Harald Berg, Harry Hestad en Aad Mansveld.

Enkele dagen voor de wedstrijd tegen NEC. Voorbeschouwend met Aad Mansveld: “Moeilijke wedstrijd , maar we winnen. De terugkeer van Berg is een absolute stimulans”. De avond na de strijd tegen NEC “wat heb ik je gezegd! Twee passes van Berg twee goals. We hebben gewonnen, maar het was wel allemaal een beetje paniekerig. En dan een compliment aan Thie, Ton hield er ongelofelijke balen uit…. ADO gaat alleen aan kop. Fantastische riep Mansveld uit. Hij beseft terdege, dat die positie te vergelijken valt met een automobilist die door het rode licht rijdt. Een elftal die koploper is, lijkt wel vogelvrij. Iedere tegenstander wil juist winnen nu van ADO.

Ik vind het wel eens jammer als ik me makkers in de kleedkamer hoor opmerken, hoe lang we nog bovenaan zullen staan. Persoonlijk vind ik dit een verkeerde instelling. We moeten het gewoon vinden dat we bovenaan staan. Wij moeten gewoon doorgaan. Ik weet het er steken in ons elftal geen tonnen. Wij hebben geen sterren, maar wij vormen wel een sterk team. Wij willen alle mogelijke moeite doen om een titel te behalen. Het kampioenschap of de beker. Wij willen ook wel eens Europacupwedstrijden spelen. Het is niet zo maar een toeval dat wij op kop gaan. Het is onder meer te danken aan onze trainer Jezek. Aanvoeder Mansveld geniet van “ADO in de lift”. Het streelt hem, dat zijn elftal in de belangstelling staat. Want hij is ook een publiekspeler. Dat geeft hij grift toe. Ik houd van het applaus, ik vind het fijn als supporters zich roeren, ze laten het horen, ik trek me daar op aan….

Publiekspeler
Vroeger was ik wel eens te speels. Nam ik risico’s , alleen maar om applaus te horen. We hebben er wel eens een wedstrijd door verloren. Ik kijk nu wel uit. Ik ben aanvoeder en laatste man. Van mij word verwacht dat ik het goede voorbeeld geef en geen risico’s meer neem. Libero spelen vind ik hartstikke fijn. Het is een ideale positie, je hebt overzicht en je kunt als het even mee zit zelf al aan de opbouw van een aanval beginnen. Aad Mansveld is in het veld een prater, een schreeuwer beter gezegd. “Ik kan niet zonder. Ik moet schreeuwen, aanwijzingen, brullen en af en toe katten, maar het is niet allemaal gemeend. Dat doe ik alleen maar om mijn spelers op te jutten. Ze luisteren naar me, ze pakken het vaak aan wat ik zeg.

Aad Mansveld weet wat hij binnen de lijnen waard is. Hij voetbalt negentig minuten lang mee met volle overgave. Hij is een speler die altijd wil winnen. Een ideale aanvoeder. Hij speelde dit seizoen voortreffelijke wedstrijden. Hij weet het. Daarom was teleurgesteld toen bondscoach Fadrhonc de selectie tegen Joegoslavië openbaar maakte. Ik had werkelijk gedacht dat ik er bij zou zijn. Na afloop van Feyenoord – ADO kwam Cor van der Hart de assistent trainer van het Nederlands elftal naar me toe, hij zei: Aad, je hebt geweldig gespeeld. Fadrhonc heeft het allemaal gezien, je zal wel van hem horen. Maar ik hoorde niets. In de Kuip zei Fadrhonc die zaterdagavond alleen maar goedendag. Ik hoef niet perse in het Nederlands elftal, ik ben al tevreden als ik bij de selectie ben. Voorlopig ben ik nu met ADO bezig want als koploper in de eredivisie moet je nou eenmaal iets extra gaan geven, en ik verwacht dat we tot aan het einde mee zullen gaan doen om de landstitel.

Bron: Nino Tomadesso 23-10 1970  weekblad Goal